Nasca

Nasca is de naam van een zeer indrukwekkend gebied in het zuiden van Peru. Daar, tussen de Grote Oceaan en het Andesgebergte ligt Nazca, een woestijnachtige hoogvlakte en een onooglijk plaatsje. Het plaatsje heet sinds de Spaanse bezetting Nazca (met een z). Dit ondanks dat de oorspronkelijke naam geschreven werd met een s.

Er is vrijwel niets te beleven en het meest opwindende plekje in de buurt van het dorp is het vliegveld. Maar het woestijngebied wordt ook wel het “grootste schetsboek van de wereld” genoemd. Het gebied heeft een oppervlakte van ca. 500 km2. De afgelopen 10.000 jaar is er praktisch geen regen gevallen. Voetafdrukken blijven nog jaren zichtbaar; er groeit geen enkel grassprietje.

Het schetsboek bestaat uit vele tekeningen en figuren die in en op de grond zijn gemaakt. De lijnen en figuren op de hoogvlakte zijn zichtbaar door dat steenachtige bovenlaag van de bodem is weg geschraapt waardoor de gele ondergrond is blootgelegd. Ondanks dat Von Däniken in zijn boek “Waren de goden kosmonauten?” een link legt met buitenaards leven. Zijn de tekeningen vermoedelijk gewoon met de hand gemaakt.

De meest bekende figuren op de Nazca-vlakte zijn de spin, de aap, de kolibrie, de kosmonaut en de walvis. Sommige lijnen zijn wel 8 km lang, er is er een zelfs van 65 km. De figuren hebben afmetingen variërend tussen een tiental en honderden meters. De lijnen moeten tussen 50 v. Chr. en 500 na Chr. zijn gemaakt. Het is vrijwel zeker, dat de Nazca-indianen dit hebben gemaakt, de voorgangers van de Inka’s.